Verklaring van het Partijbestuur van de NCPN naar aanleiding van Tweede Kamerverkiezingen.

Amsterdam, 17 mei 2002

Nederland maakt ruk naar rechts.

Kiezers willen verandering en gaan op safe.

Alleen verhevigde klassenstrijd in buurten en bedrijven en linkse samenwerking zullen onvrede positief perspectief kunnen geven.

Het lijkt bijna onafwendbaar dat er na de verkiezingen een coalitie van CDA, VVD en LPF zal worden gevormd. Samen hebben zij een ruime kamermeerderheid van 93 zetels. Een linkse optie is voorlopig van de baan. Werkgeversorganisaties en het MKB zijn tevreden.

Het bestuur van de NCPN feliciteert de SP met haar zetelwinst. De rechtse meerderheid kan alleen met succes in de kamer en daarbuiten bestreden worden als heel links samenwerkt.

De grote meerderheid van de Nederlandse bevolking heeft de politiek van paars afgestraft. De zelfingenomen achterkamertjespolitiek van het politiek establishment, met neoliberale normen van de EU als uitgangspunt, is massaal door de kiezers afgewezen. Paars is niet tegemoetgekomen aan de concrete noden en behoeften van de meerderheid van de mensen. De economische groei van de afgelopen jaren is ten goede gekomen aan de grootaandeelhouders, hun zaakwaarnemers in het topmanagement en aan de 'kleine luyden' en 'vrije jongens' waar Nederland nog steeds zo rijk aan is. Grote delen van de bevolking werden echter geconfronteerd met stagnatie van de koopkracht en aanvallen op collectieve voorzieningen. De terechte woede onder brede lagen van de bevolking over de vriendjespolitiek, de openlijke toeëigening van grote optiebedragen door managers, de voortdurende aanvallen op het levenspeil, de afbraak van de collectieve voorzieningen, en de angst bij de 'kleine luyden' over de stagnerende economie, maakten dat een aanzienlijk deel van de mensen voortzetting van paars niet zag zitten. De aanval op de gevestigde orde kwam ook van rechts, van de 'vrije jongens' die elke regelgeving als lastig en overbodig ervaren. Beide processen bij elkaar veroorzaakten de huidige politieke aardverschuiving.

De problemen in de gezondheidszorg, het openbaar vervoer en het onderwijs werden niet door paars opgelost. Gevoelens van onveiligheid en perspectiefloosheid, maakten grote delen van de bevolking rijp voor de rechts populistische oneliners van Pim Fortuyn. Waar Fortuyn de beperkingen van de overheid binnen het kapitalisme aangaf, bleef de discussie in de politieke partijen over democratie, na de terreuraanslag op zijn leven, beperkt tot het parlement en tot de oproep te gaan stemmen. Het in gang gezette debat over de zogenaamde vernieuwing vernauwde zich tot een vorm van massahysterie rondom de persoon Fortuyn. Een aanzienlijk deel van de bevolking zocht een veilige haven bij de jong en nieuw ogende lijsttrekker van het CDA, Balkenende. Veiligheid kiezend boven het onzekere avontuur van de lijst LPF.

Het verlies van de PvdA komt voort uit de teleurstelling onder brede lagen van de bevolking dat juist de sociaal-democraten het voortouw namen bij een groot aantal privatiseringen, bezuinigingsmaatregelen en verslechteringen voor de bevolking. De sociaaldemocraten waren bruikbaar voor het kapitaal en mochten zelfs de leiding van de regering nemen, zolang ze erin slaagden de massa van de bevolking de verslechteringen te laten accepteren. De sociaal-democratie heeft zonder krachtige arbeidersbeweging binnen het geglobaliseerde kapitalisme aan de bevolking niets te bieden. De ijzige wind die in heel Europa waait als gevolg van nieuwe golven van fusies, overnames, sluitingen, inkrimpingen dwingt tot krachtig verzet tegen en geen collaboratie met het kapitaal. De sociaaldemocratie die fors naar rechts oprukt heeft de bevolking niets te bieden. Terecht in de steek gelaten door vele kiezers is zij voor de rijken van veel minder betekenis en worden Kok en Melkert met gemak 'afgeserveerd'. Samenwerking van linkse en progressieve partijen en bewegingen, binnen, maar vooral ook buiten het parlement, kan voor de meerderheid van de mensen perspectief bieden.

De slag om de macht tussen de verschillende internationale kapitaalsgroepen is in volle hevigheid gaande. De Bushregering heeft een aanzienlijke versnelling en verdieping aangebracht in het gevecht om afzetmarkten, grondstoffen en goedkope arbeidskrachten. Met grote regelmaat spreekt men over 'handelsoorlogen' tussen met name de EU en de VS. De meest recente uiting is de staaloorlog. Alhoewel het kapitalisme onderling hevig in gevecht is gewikkeld om de macht, rooft het in gezamenlijkheid, in versneld tempo wat er nog te roven valt, tot in de kleinste uithoeken van de wereld. We leven op dit moment in een zeer turbulente, zeer gevaarlijke wereld. Het resultaat is dat de, in de ogen van de rijken geldverslindende collectieve voorzieningen, nog verder en sneller dreigen te worden afgebroken dan al het geval was.

Het Europese kapitaal ziet zich geplaatst voor grote uitdagingen, die in ieder geval één ding gemeen hebben. De onderlinge concurrentiestrijd met de VS noodzaakt hen om de lonen, sociale voorzieningen en democratische verworvenheden in sneltreinvaart uit te hollen. Concurrentie met de VS is alleen mogelijk als de sociaal-economische omstandigheden in Europa op een lager peil worden gebracht dan in de VS, waar miljoenen Amerikanen zich in erbarmelijke toestand bevinden. Alles wat behoud en vermeerdering van de winsten en rendementen in de weg staat, staat op de nominatie voor sloop. Deze nieuwe politiek, gericht op het openbreken van alle sociale contracten in het Europa van na de Tweede Wereldoorlog, neemt afstand van alles wat nog een zweem van sociale verzorgingsstaat heeft. Het is voor het Europese kapitaal erop of eronder.

De rechtse aanval maakt bewust gebruik van de illusie dat de politiek het primaat zou hebben in de besluitvorming. De politiek zou aan vernieuwing toe zijn. Maar deze vernieuwing beperkt zich tot het parlement. De doorslaggevende invloed van de 'markt(economie)' op de politieke en maatschappelijke 'dimensies' blijft buiten beeld. De term 'politiek primaat' verhult daarom deze 'dictatuur van het kapitaal'.

De media zijn de laatste jaren in zeer snel tempo gecommercialiseerd en daarmee aan publieke zeggenschap en controle onttrokken. Alleen de kijkcijfers en de belangen van de geldschieters en eigenaren gelden. In medialand zijn idealen, waarden en normen nauwelijks nog in tel. Opvoedende taken zijn min of meer taboe. Wiens brood men eet... De nieuwe journalist moet scoren, voor zijn baas, maar ook voor zichzelf. Met Fortuyn kon dat. Zijn snel groeiende populariteit had twee gronden: zijn arrogante maar vlotte populisme leidde tot hoge kijkcijfers en zijn rechtse boodschap paste in het beleid van de machtselite. Een heus mediaspektakel was het resultaat: lijsttrekkersdebatten als volksvermaak. Politici worden gedwongen als quizmasters op te treden en men is op zoek naar eenvoudige woorden en mediagenieke personen. Hoe zeg ik het, wordt belangrijker dan wat er wordt gezegd, politiek als een wervelende Amerikaanse show. Na zijn dood werd het spektakel zelfs nog opgevoerd.

De TV brengt een schijnwereld de huiskamers binnen, waarin valse tegenstellingen en schijnvraagstukken centraal staan. De kiezer wordt via deze weg gemakkelijk gemanipuleerd. Veel mensen krijgen de indruk met politiek bezig te zijn, terwijl de werkelijke machtsvragen buiten beeld blijven. Zo'n soort 'politiek' is in de VS al gemeengoed met gevolg dat daar nog slechts eenderde van de bevolking meedoet en naar de stembus gaat. Het resultaat kennen we en heet Bush.

De NCPN wijst er op dat de werkelijke vraagstukken op die manier niet aan bod komen. De massale plotselinge afkeer van paars toont de kloof tussen het beeld dat de media schetsen en de werkelijkheid in de buurten en bedrijven, zoals die ook beleefd wordt door een groot deel van de kiezers.

De NCPN roept links op het vertrouwen van de bevolking te winnen: in de buurten en de bedrijven, daar waar de mensen echt leven en werken. Op dezelfde dag dat paars brak, koos de bevolking van Amsterdam ervoor om de privatisering van het openbaar vervoer in die stad een halt toe te roepen. Een stevige campagne, aan de basis gevoerd, leidde tot winst. Alleen op die manier kan de band tussen de bevolking en de linkse politieke partijen worden hersteld. Dit moet een les zijn voor de sociaal-democratie, niet alleen in de PvdA, maar ook in de vakbeweging. De FNV-top riep vlak voor de verkiezingen op tot loonmatiging en trapte daarmee in de valkuil die de werkgevers en rechtse partijen voor haar hebben gegraven.

Fortuyn is van meet af aan vooral in stelling gebracht tegen de PvdA, tegen Melkert en het boegbeeld Kok. Het akkoord van Wassenaar, waarin de klassenvrede werd gereguleerd, is uitgewerkt! Voor een voortzetting en verscherping van de neoliberale politiek van de VVD was paars een obstakel geworden. Een nieuwe regering van VVD, samen met CDA en LPF zal deze neoliberale politiek moeten voortzetten en verscherpen.

De WAO moét worden afgeschaft; de pensioenfondsen moéten worden opengebroken; de werkgelegenheid moét nog veel flexibeler worden; de wegen moéten open voor het vrachtverkeer; de lonen moéten naar beneden om de concurrentie met de VS (en Japan) aan te kunnen; het voorzieningenniveau hoeft, volgens deze lieden, niet meer voor iedereen bereikbaar te zijn en kan het stellen met de huidige budgetten. Alleen de kapitaalkrachtigen houden recht op goed onderwijs, een goede gezondheidszorg en snelle verbindingen. Dat is waar Fortuyn voor moest zorgen. Om de aandacht hiervan af te leiden leende hij zich ervoor vreemdelingenhaat aan te wakkeren met racistische praatjes en stelde hij zelfs artikel 1 van de Grondwet ter discussie. Het is van het grootste belang dat de antikapitalistische strijd hand in hand gaat met de antiracistische strijd. De werkende bevolking, waar ook geboren, moet zich niet uiteen laten drijven door populistische praatjes. Alleen een gezamenlijke strijd tegen de kapitalistische uitbuiting in Nederland en elders in de wereld kan het tij in positieve zin keren. Links zal het smeden van de eenheid van de arbeidersklasse hoog op de agenda moeten plaatsen.

Fortuyn fungeerde als breekijzer om de Nederlandse politieke verhoudingen open te breken en te vervangen door een meer Amerikaans model. De arbeidskosten stegen in de EU de afgelopen periode minder, het gevolg van de verhevigde aanvallen van het kapitaal: massa-ontslag en loonsverlagingen. En waar namen de arbeidskosten het minste toe? In het Italië van Berlusconi. Hoe lager de arbeidskosten, hoe hoger de uitbuiting. In het derde kwartaal van 2001 was Nederland nog koploper met een arbeidskostenstijging van vijf procent, veel te hoog volgens het gezamenlijke koor van ondernemers.

De vraag lijkt nog te zijn of het overlegmodel echt tot ontploffing wordt gebracht of dat men het stelsel nog intact laat en toezeggingen van de vakbeweging accepteert. Politiek rechts heeft de touwtjes op dit moment in handen. Maar wat er ook uit de bus komt inzake een nieuwe regering, het geglobaliseerde kapitaal is op leven en dood met elkaar in strijd, waardoor de polarisatie in dit land verder zal toenemen. De klassenstrijd is terug op de agenda.