download

KLASSIEK EN ACTUEEL

"(...) Mijn vertelling is dus alleen gericht aan hen die in staat zijn tot het moeilijk inzicht dat er harten kloppen onder de donkere opperhuid, en dat, wie gezegend is met blankheid en de daarmee samengaande beschaving, edelmoedigheid, handels- en godskennis, deugd... zijn blanke hoedanigheden zou kunnen aanwenden op andere wijze dan tot nog toe ondervonden werd door wie minder gezegend zijn in huidskleur en zielevoortreffelijkheid. Mijn vertrouwen op medegevoel met de Javanen gaat echter niet zo ver, dat ik bij de beschrijving hoe men de laatste buffel rooft uit de kendang bij dag, zonder schroom, onder bescherming van 't Nederlands gezag... als ik 't weggevoerd rund laat volgen door de eigenaar en zijn schreiende kinderen... als ik hem laat neerzitten op de trap van 't huis van de rovers, sprakeloos en wezenloos en verzonken in smart... als ik hem van daar laat wegjagen met hoon en smaad, met bedreiging van rottingslag en blokgevangenis... zie, ik eis niet - noch verwacht, o Nederlanders, dat ge daardoor zult aangegrepen zijn in gelijke maat als wanneer ik u het lot schetste van een boer wie men zijn koe ontnam. Ik vraag geen traan bij de tranen die er vloeien op zo donkere gezichten, noch edele toorn als ik zal spreken van de vertwijfeling der beroofden. Evenmin verwacht ik dat ge zult opstaan, en met mijn boek in de hand tot de koning gaan, en zeggen: "zie o koning, dat geschiedt in uw rijk, in uw schoon rijk van Insulinde". Neen, neen, neen, dat alles verwacht ik niet! Te veel leed in de nabijheid maakt zich meester van uw gevoel, om u zóveel gevoelens over te laten voor wat zo ver is! Worden niet al uw zenuwen in spanning gehouden door de akeligheid der keus van een nieuw Kamerlid? Dobbert niet uw verscheurde ziel tussen de wereldberoemde verdiensten van Nietigheid A en Onbeduidendheid B? En hebt ge niet uw dure tranen nodig voor ernstiger zaken dan... maar wat hoef ik meer te zeggen! Was er niet gister slapte op de beurs, en dreigde niet ietwat overvoer de koffiemarkt met daling? (...)"

Uit; Max Havelaar of De Koffieveilingen der Nederlandse Handelsmaatschappij, Multatuli, 1860.