download

Speech van Ger Geldhof (Abvakabo FNV) tijdens 1 mei-viering in de Brakke Grond in Amsterdam.

ger1mei1.jpg

Vakbondsvrienden- en vriendinnen, collega's, kameraden,

Wij vieren vandaag, 1 mei, de Dag van de Arbeid. Dat gebeurt in veel landen ter wereld, maar bijvoorbeeld niet in Amerika. Toch heeft 1 mei zijn oorsprong in Amerika. In feite herdenken wij op 1 mei de strijd van een Amerikaanse vakbond voor de achturen-werkdag die in 1884 nog 12 uur was. De kern van die strijd lag toen in Chicago. Kleermakers, schoenmakers en magazijnbediendes streden voor de achturen-werkdag. Op het einde van een massabetoging - die volledig vreedzaam was verlopen en waar honderdduizenden aan meededen - werd in nooit opgehelderde omstandigheden een bom gegooid naar de toekijkende politie, waarbij één agent werd gedood en 70 andere werden gewond.

Vandaag de dag gaat men er vanuit dat het om een provocatie ging, maar bewezen is dat nooit. De reactie was hard. Acht van de meest radicale leiders van het sociaal verzet werden opgepakt en later ter dood veroordeeld, terwijl er geen enkel bewijs voor hun betrokkenheid bij de aanslag werd gegeven. Voor vijf van hen kwam het daarop aanzwellende nationaal én internationaal protest te laat, drie toen nog levende beschuldigden werden zes jaar later vrijgesproken. De internationale protesten tegen dit vonnis hebben geleid tot wat wij nu kennen als de jaarlijkse 1 mei-viering.

1 mei heeft zijn oorsprong dus in de strijd voor de achturendag in Chicago in 1886. Lang geleden allemaal. Maar dat die strijd nog niet gestreden is, bleek pas geleden nog in Bangladesh: uit de puinhopen van een ingestorte kledingfabriek in Bangladesh zijn nu al bijna 400 doden geborgen en er worden nog 900 textielarbeiders vermist. Grote media-aandacht is er nu voor de eigenaars van een gammel fabrieksgebouw, die winst boven veiligheid plaatsten. De echte opdrachtgevers, de kledingmultinationals, blijven buiten schot. Minder bekend is dat de bevolking van Bangladesh al jaren protesteert tegen deze wantoestanden en dat de vakbonden er gewelddadig worden onderdrukt. Recent nog werd er een vakbondsleider in de kledingindustrie ontvoerd, gefolterd en dood achtergelaten langs de weg. Misdadigers als de eigenaar van dat gebouw in Bangladesh kunnen alleen maar doen wat ze doen omdat er een systeem is dat dit toelaat. Het is dat systeem zelf dat veroordeeld moet worden. Bangladesh is helaas geen uitzondering.

Overal op de wereld worden werkende mensen uitgebuit. Er is nog heel veel werk aan de sociale winkel. Vakbonden zijn meer dan ooit nodig. Maar het moeten dan uiteraard wel vakbonden zijn die zich voor de mensen durven in te zetten. Vakbonden die kunnen onderhandelen, maar als het nodig is ook met hun leden strijd voeren, vakbonden die van de mensen zelf zijn. En dat onze vakbond van ons zelf blijft, dus van de leden, daar zullen we zelf voor moeten blijven knokken! Want voordat je het weet, is je vakbond niet meer van jou, ben je je vakbond kwijt! Ik heb dat zelf meegemaakt.

Mijn eigen vakbond, Abvakabo FNV, had in mei 2010 het meest opzienbarende congres in haar bestaan. De afgevaardigden op dat congres schreven geschiedenis door een hele groep kritische kaderleden, de 'Kloofdichters', in meerderheid in het Bondsbestuur te kiezen. Zoiets was in vakbondsland nog niet eerder vertoond. Ik was één van die kloofdichters. Met een groep hadden we, op basis van een programma, campagne gevoerd tegen het oude bestuur. Waarom? Omdat het onze vakbond van ons af wilde pakken! In een sluipend proces, in de jaren daarvoor, was het al heel ver gekomen. En nu was het toe aan de finale: het wilde van de Abvakabo FNV een yuppenbond maken, die zich volgens het bestuur moest gaan richten op de groeimarkt van 'beter verdienende en beter opgeleide professionals in de publieke sector' met verschillende 'producten' en 'diensten', die marketeers in de markt gingen zetten voor de klanten (want de leden werden klanten) en apart ingekocht konden worden, ook als ze geen lid waren. Dat was dus helemaal het idee van de vakbond als 'zaakwaarnemer' of als een sociale ANWB, als bedrijf. Gelukkig is dat toen niet gelukt: na een spannend gevecht werd de vakbond weer van ons, de leden! Net op tijd!

In 2010 werden wij dus in het Bondsbestuur van Abvakabo FNV gekozen. Een vakbond van, voor en door de leden, dat was onze leus. Wij wilden juist weg van de koers naar een dienstverlenende yuppenbond. En dat is gelukt! Abvakabo FNV is vandaag de dag heel vaak opinieleider, strijdbaar en een vakbond waarmee je rekening houdt, die niet bang is om haar tanden te laten zien en die als het nodig is, ook doorbijt. Een vakbond die geen handtekening onder een zorgakkoord zet als daar 50.000 thuiszorgers hun baan mee kwijtraken. Ik ben er trots op dat ik in het bestuur van die vakbond zit. En, het was bittere noodzaak dat we die koerswijziging naar een activerende vakbeweging doorvoerden. Want het evenwicht in de polder is verstoord doordat wij flink zijn verzwakt de afgelopen 25 jaar. We hebben aan positie verloren, onder andere door op te gaan treden als zaakwaarnemer, terwijl de werkgevers zich steeds beter organiseerden. Vier belangrijke ontwikkelingen hebben de arbeidsverhoudingen in de afgelopen jaren sterk beïnvloed, speerpunten van de werkgevers, waar de vakbeweging niet of onvoldoende tegen optrad:

  1. De doorgeschoten flexibilisering: het was 1 op de 5, het is nu 1 op de 3 werknemers die een flexcontract heeft.
  2. De sociale zekerheid is bijna verworden tot een ministelsel en de polderaars in onze vakbondstop zijn daar aan onderhandelingstafels en in achterkamers mede verantwoordelijk voor geweest.
  3. De marktwerking heeft geleid tot afbraak: slechtere kwaliteit van publieke diensten, tegen een hogere prijs en tegen slechtere arbeidsvoorwaarden: kijk naar de thuiszorg, maar ook naar de post. In mijn straat komen er nu op een dag drie postbodes langs van allemaal verschillende bedrijven en ze hebben alle drie slechtere arbeidsvoorwaarden dan de oude postbode van vroeger.
  4. Het is ongelooflijk maar waar: werkgevers kunnen zich permitteren cao's niet na te leven en daar komt geen afdoende antwoord op.

Waarom ging het zo hard achteruit? Omdat de FNV steeds meer een bobo-bond werd met de neus naar Den Haag, te weinig het gezicht naar de actieve leden die er op de werkvloer moeten zijn om de afspraken van het papier naar de praktijk te vertalen.

Het verstoorde evenwicht, dat is waarom de polder niet meer werkt, waarom een activerende vakbeweging nodig is. Dan doen we er toe voordat het te laat is. We zijn te vaak de sociale vuilnisman of de brandweer. De sociale vuilnisman, die sociale plannen afsluit om de gevolgen van bezuinigingen op te vangen, maar zich niet met de oorzaak bezighoudt. De brandweer die steeds opnieuw uitrukt en steeds weer kleine brandjes blust, maar niet de vuurhaard, niet de echte problemen aanpakt. Dat is wat we weer moeten gaan doen, proberen de échte problemen van en met de werkende mensen aan te pakken. De breed gedragen problemen, die nú spelen, waar op de werkvloer draagvlak voor is om die op te pakken!

En die hangen vaak samen met de kwaliteit van het werk. Bijvoorbeeld met te weinig handen aan het bed. Of bij het bedrijf waar ik bij werk, bij het gemeentevervoerbedrijf (GVB) in Amsterdam, de verplichte privatisering van het openbaar stadsvervoer. Door harde acties te voeren en een paar keren echte stakingen te organiseren hebben we bereikt dat de wet zo is gewijzigd dat het nu, geheel tegen de neoliberale stroom in, mogelijk is om in de grote steden de privatistering van het openbaar vervoer tegen te houden. Daar was vastberaden optreden voor nodig maar uiteindelijk hebben we dan ook wat bereikt! We hebben die wedstrijd gewonnen, het grote probleem er achter aangepakt! Dat is wat we moeten realiseren, de vakbond moet weer perspectief bieden, we moeten weer 'wedstrijden winnen' en niet na een moeizaam gevecht het verlies alleen maar een beetje beperken. Als we weer wedstrijden winnen, worden we weer aantrekkelijk en dan willen werkers erbij horen en dan willen werkers ook actief zijn in die beweging.

Wij moeten laten zien dat je door machtsvorming, door collectief op te treden wat kan bereiken, dat mensen daardoor resultaten kunnen binnenhalen op onderwerpen die de mensen raken. Op die manier moeten leden en potentiële leden de kracht van de vakbond weer merken, weer aan den lijve gaan ervaren dat alleen als je zelf meedoet en het samen aanpakt, je iets wezenlijks kan veranderen. De versterking van de vakbond op de werkvloer, dát is een centraal doel. Dat doe je door te zorgen dat je als vakbond op het bedrijf aanwezig bent. Want dáár kun je mensen informeren, activeren, organiseren en mobiliseren. Mensen worden niet zo maar lid, mensen worden niet vanzelf actief. Mensen gaan niet zo maar de straat op omdat de bond ze daarvoor oproept. Activeren gaat stapje voor stapje, daar moet je aan werken, daar heb je ook middelen voor nodig en materiaal en mensen, dan moet je prioriteiten kunnen stellen. Om dat allemaal te kunnen doen is het nodig dat je zeggenschap hebt over wat de vakbond doet. Daarvoor is een democratische vakbond nodig met een democratische leiding die wil luisteren naar de leden en hun belang en hun activering als vertrekpunt neemt. Daarvoor is het nodig dat we de vakbond weer in ons bezit krijgen en dat die niet meer van ons wordt afgepakt!

Ik geloof dat de vakcentrale, ónze vakcentrale, de FNV, ook van ons, de leden, was afgepakt. En dat we nu, vandaag de dag, midden in het gevecht met allerlei bobo's zitten om die vakcentrale weer terug aan de leden te geven!

De strijd om de inhoud van het Sociaal Akkoord was zo'n gevecht. Mij is daarbij duidelijk geworden dat we dit gevecht nog niet gewonnen hebben. Ik heb als lid van het voorlopig Ledenparlement bij het Sociaal Akkoord mogen meemaken hoe belangrijk het is wie er de leiding heeft. De inzet voor het Sociaal Akkoord werd wel met de vertegenwoordiging van leden in het voorlopig Ledenparlement gemaakt. Die inzet was duidelijk en haalde de landelijke pers. Aan ontslagrecht en WW mocht niet gerommeld worden, de doorgeschoten flex moest worden aangepakt evenals allerlei andere malafide werkgeverspraktijken. En het wensenlijstje was nog wat langer, maar niet onrealistisch. Want we gaven ook aan waar het geld voor de maatregelen gevonden kon worden. Bijvoorbeeld door het belasten van flitskapitaal. Volgens de OESO kwam in Nederland en Luxemburg afgelopen jaar een even groot kapitaal binnen als in Amerika, Duitsland en Groot-Brittannië bij elkaar. In Nederland was dat 5,5 biljoen dollar, waarvan het overgrote deel terechtkwam in brievenbusfirma's en holdings, speciaal opgezet om belasting te ontduiken. Er is in ons belastingparadijs voor de rijken ook geld te halen door het verhogen van de idioot lage winst- en vermogensbelasting. En door de topsalarissen aan te pakken, directies in de publieke dienst en medisch specialisten gewoon onder de cao te brengen, door bonussen aan banden te leggen, de belastingschijf voor de hoogste inkomens te verhogen. Er is wel geld, hoor!

Ik behoorde tot de minderheid die in het Ledenparlement tegen het Sociaal Akkoord heeft gestemd. Want van die gezamenlijk bepaalde inzet kwam niet genoeg terug. Veel verslechteringen werden alleen in de tijd uitgesteld, er werd niet gerept over het aanpakken van de allerrijksten en er was toch aan ontslagbescherming en WW getornd. Dat laatste kon zogenaamd doordat Ton Heerts met oude polderpolitiek en een paar trucjes de motie daarover uit de inzet heeft gewieberd. Ik zit voldoende lang in de vakbond om dat te doorzien. Dat was ondemocratisch en had nooit mogen gebeuren. Maar het was ook een duidelijk bewijs van de stelling dat de vakcentrale nog niet van ons is!

Dat was niet het enige bewijs, trouwens. Ook de wijze waarop en de snelheid waarmee dit akkoord door het voorlopig ledenparlement is geduwd leverde daar bewijs voor. In een dag 59 bladzijden plus 63 maatregelen doorworstelen heeft niets met democratie te maken en het werd ons onmogelijk gemaakt nog de achterban te raadplegen. Vervolgens werd er een doemscenario geschetst waar we in zouden belanden als we niet met het akkoord zouden instemmen. En een referendum werd ernstig ontraden. Als je dan later ook nog in de kranten leest dat de school waar het akkoord op donderdagavond werd gepresenteerd al veel eerder was gereserveerd voor dit doel, besef je dat we hebben meegespeeld in een toneelstuk dat anderen hebben geschreven en waar maar één uitkomst kon zijn. Dat voelt helaas weer als 'oude politiek' met de inzet van oude machtsmiddelen. Dat bewijst dat de vakcentrale nog niet van ons is.

Begrijp me goed, er zitten best een aantal goede zaken in dat Sociaal Akkoord maar juist in deze tijd, met de hoogste werkloosheidscijfers ooit, als de sociale zekerheid dus van het grootste belang is, moet je de WW niet verkorten en de ontslagvergoeding niet verlagen, dat is weer achteruitonderhandelen.

Vandaag begint de week waarin wij binnen de FNV ons Ledenparlement kunnen kiezen en onze voorzitter. Een unieke gebeurtenis, nooit eerder vertoond in Nederland. Het wordt belangrijk dat we die kans grijpen en de juiste mensen er in kiezen. Niet de "oude politiek" maar de mensen die de vakbond weer van de leden willen laten zijn, die de vakbond weer terug willen geven in plaats van de bobo's die de vakbond gebruiken als beheersapparaat om de arbeidsrust te bewaren en tegelijk wel medeplichtig zijn aan het verslechteren van onze positie! Daarom roep ik iedereen hier op: stem niet alleen zelf op die strijdbare kandidaten met een echte achterban die daarvoor staan, maar roep je collega-leden ook op om hun stem aan hen te geven. En stem voor het voorzitterschap op Corrie van Brenk, de kandidaat die als voorzitter van Abvakabo FNV samen met de Kloofdichters in de afgelopen jaren al heeft bewezen dat ze staat voor een strijdbare vakbond die de leden in hun kracht wil zetten.

Leve de internationale strijd, leve de eerste mei!