![]()
Waarom is er oorlog?
Door Jan Cleton
De media zijn, op enkele uitzonderingen na, in handen van de grote multinationals en financiële instituties en hun handlangers. De berichtgeving in het algemeen en nu over de oorlog in het bijzonder wordt daardoor erg eenzijdig en als gevolg daarvan in feite onbegrijpelijk. Ze wordt bepaald door de financiële belangen van een klein deel van de mensheid. Wie dat zijn? In feite zijn dat de mensen die ruim profiteren van de situatie, diegenen die hun posities willen verdedigen, of die personen die tegen elke prijs een positie willen bereiken. Leden van de (groot-)bourgeoisie en veel mensen uit de kleinburgerij.
De beïnvloeding, oftewel indoctrinatie, wordt bepaald door de bourgeoisie en haar handlangers. Een groot gedeelte van de 'informatie' wordt verzorgd door mensen uit de categorie 'wiens brood men eet, diens woord men spreekt'. Menig medewerker is er zich bewust van dat hij/zij beter zijn/haar mond kan houden en flexibel dient te zijn om zichzelf en de mede-inkomensafhankelijken het brood niet uit de mond te stoten. Mede hierdoor kan er zonder noemenswaardige tegenstand een onrechtvaardige oorlog, die slechts het economisch belang van de imperialistische machthebbers dient, worden gevoerd met grote steun van de bevolking.
De andere, op bewijsbaar onderzoek berustende, berichtgeving is uitermate spaarzaam verkrijgbaar. Hieronder een overzicht van de economische (en enige andere) achtergronden die geleid hebben tot deze oorlog, of zelfs mogelijk leiden tot een Derde Wereldoorlog.De vier hoofdtegenstellingen
In de huidige ontwikkelingsfase moeten we nog steeds uitgaan van de vier politiek-maatschappelijke hoofdtegenstellingen, te weten die tussen arbeid en kapitaal, kapitalisme en socialisme, imperialisme en de derde wereld en de onderlinge imperialistische tegenstellingen. Deze vier tegenstellingen spelen allemaal mee in het conflict op de Balkan. De hoofdtegenstelling is in dit geval de tegenstelling tussen de imperialistische machten, verenigd in de NAVO, en de derdewereldlanden. Maar juist op de Balkan spelen ook interimperialistische belangentegenstellingen een grote rol.Overcapaciteit en overproductie
Overcapaciteit is het teveel aan geïnstalleerde productiecapaciteit in vergelijking tot wat nodig is voor productie van de hoeveelheid waren die verkocht kan worden. Binnen het kapitalistisch systeem, dat gebaseerd is op winst en niet op vervulling van behoeften, zijn ondernemers cq. ondernemingen, door de onderlinge concurrentie, gedwongen steeds goedkoper te produceren, om te overleven, bijvoorbeeld door schaalvergroting, het opvoeren van de productiecapaciteit door meer en snellere machines.
Overproductie is het teveel aan productie ten opzichte van de vraag. Op dit moment worden er bijvoorbeeld in Europa (maar ook elders) veel meer auto's geproduceerd (19 miljoen) dan er verkocht kunnen worden (15 miljoen). Gedwongen door de concurrentie probeert elke autofabrikant zo goedkoop mogelijk te produceren. Een zeer belangrijke invloed op de productiekosten heeft de prijs van de menselijke arbeidskracht en daarom proberen alle ondernemers die kosten zoveel mogelijk te drukken (primair, dus direct loon, en secondaire arbeidsvoorwaarden zoals pensioen en pré-pensioen, dus uitgesteld loon, etc.). Daarnaast dwingen de gezamenlijke ondernemers/fabrikanten via staatsorganen af dat de sociale voorzieningen, waaronder onderwijs en gezondheidszorg, tot een minimum aan kosten hunnerzijds teruggebracht worden. De arbeiders, die hierdoor gedwongen worden een steeds groter deel van hun (in)directe loon te investeren in kosten voor het overleven, zijn echter tegelijkertijd ook in hoofdzaak de consumenten van de geproduceerde auto's. Deze cirkelgang is de oorzaak van een versnelde overproductie en van een algemene - structurele - economische crisis van het kapitalisme.
Interimperialistische tegenstellingen
Doordat de werkelijke arbeidskracht (de werknemers dus) financieel niet in staat is de door hemzelf geproduceerde producten te consumeren volgt daaruit overproductie van goederen, in dit geval auto's. De fabrikant blijft dan slechts de mogelijkheid van export van auto's, of het verplaatsen van de productie naar landen met lage arbeidskosten (lagelonenlanden), of een goedkopere import van grondstoffen.
De belangrijkste grondstof bestaat in dit tijdperk uit energie die in hoofdzaak betrokken wordt uit aardolie. Ook hier echter gaat het, naast de macht over de olie, om de laagste prijs die hiervoor betaald moet worden. De OPEC heeft, volgens de gevestigde imperialistische machten, de G7, een te grote invloed op die prijs. Het is voor hen en hun bondgenoten dus zaak de monopoliepositie van de OPEC te doorbreken. De imperialistische blokken, de VS, Europa en Japan, bestrijden vanuit een gezamenlijk belang de OPEC. Daarnaast proberen zij elkaar zoveel mogelijk de loef af te steken waar het de belangen van 'hun' multinationals betreft.
Een strijd die door de overlevingsdrang van de imperialistische blokken en de multinationals die zij vertegenwoordigen een strijd op leven en dood wordt.De slachtoffers
De eerste en ergste slachtoffers vallen in landen die niet tot een imperialistisch blok behoren en die de bevolking enigermate laten meeprofiteren van de nationaal-maatschappelijke rijkdom, zoals Irak, de Federale Republiek Joegoslavië, Syrië, Libië en enkele landen in Azië, Afrika en Latijns Amerika. Daarnaast zijn er nog de socialistisch georiënteerde landen, zoals Cuba, de Democratische Volksrepubliek Korea, China en Vietnam. De imperialistische blokken vinden elkaar in het bestrijden van het anti-imperialisme en socialisme.De adviseur van het VS-imperialisme
De oorlog op de Balkan is niet in het belang van de werkende klasse, de klasse die de rijkdom voortbrengt, maar in het belang van de profiteurs en uitbuiters van die arbeid. Gezamenlijk laten zij zich in Nederland vertegenwoordigen door clubs als het VNO-NCW, de belangenbehartiger van het Nederlands (multinationaal) kapitaal.
In de VS bestaan naast soortgelijke belangenorganisaties nog de meer extreme vertegenwoordigers van het (militair)-industrieel complex zoals Zbigniew Brzezinski, veiligheidsadviseur onder president Carter. In zijn boek Het grote schaakspel adviseert Brzezinski de heersende elite van de VS hoe zij hun wereldheerschappij kunnen behouden. Het boek bevat tien stellingen die nog altijd de VS-politiek bepalen.1. "De VS zijn sinds 1991 de enige echte wereldmacht geworden."
2. "Eurazië blijft (...) het schaakbord waarop de wereldheerschappij wordt uitgevochten."
3. "Amerika speelt (...) de rol van scheidsrechter in Eurazië en geen enkel belangrijk probleem kan zonder zijn deelname worden opgelost of een uitweg krijgen tegengesteld aan zijn belangen."
4. "De dringendste taak bestaat erin erover te waken dat geen enkele staat of groepering van staten, de mogelijkheid heeft de VS uit Eurazië te verjagen of hun rol als scheidsrechter te verzwakken."
5. "Het basisprincipe van deze strategie bestaat erin een vijandige politieke unie te verhinderen door regionale machten in stand te houden."
6. "Er zijn vijf strategische spelers op het Euraziatische continent: Duitsland, Frankrijk, Rusland, China en India." (let op hoe Groot-Brittannië en Japan ontbreken, nvdr)
7. "De centrale knoop van de strategie bestaat erin de vorming van een overheersende natie in het centrum van Eurazië te voorkomen." (de voormalige Sovjetrepublieken zullen dus niet de verwachte economische steun krijgen die hen in staat stelt zich zelfstandig te ontwikkelen, nvdr)
8. In Europa moeten de VS de Europese uitbouw ondersteunen, onder Duitse bescherming en met de steun van Frankrijk.
9. Het westen van Azië is potentieel onstabiel met China en Japan. Men moet er een organisatie scheppen die met Europa vergelijkbaar is en waarvan deze twee landen de basis uitmaken.
10. De zone die zich uitstrekt tussen de Zwarte Zee en Mongolië is de meest onstabiele en de gevaarlijkste voor de wereldoverheersing van de Verenigde Staten. Deze regio bevat enorme reserves aan petroleum, gas, goud en andere mineralen. Dat wakkert de begerigheid aan en verleent macht aan Rusland die er de controle over heeft. Dit deel van de wereld is ook een mengeling van nationaliteiten die als steunpunt kunnen dienen van regionale machten zoals Rusland, Turkije en Iran. Brzezinski definieert de Amerikaanse politiek dan ook als volgt: "Het voornaamste belang van Amerika bestaat erin zich ervan te verzekeren dat geen enkele macht de controle krijgt over deze geopolitieke ruimte; de wereldgemeenschap moet er genieten van een onbegrensde economische en financiële toegang. Dit geopolitiek pluralisme zal alleen een blijvende werkelijkheid worden wanneer een netwerk transport over land en zee en pijplijnen tussen de Middellandse Zee en de Zee van Oman, deze regio rechtstreeks zal verbinden met de belangrijkste centra van de wereldeconomie." Noteer dat dit dus helemaal verloopt buiten Rusland om. "Men moet dan ook weerstand bieden aan de inspanningen van Rusland om het monopolie op de toegang te behouden, want dat schaadt de regionale stabiliteit." Hij verlangt dan ook dat Turkije bij Europa zal aansluiten en dat de VS een meer verzoenende politiek voeren tegenover Iran.Brzezinski's boek is van fundamenteel belang voor wie wil begrijpen wat zich op het wereldtoneel afspeelt en voor wie deze Amerikaanse politiek van wereldoverheersing wil bestrijden. Hij geeft in zijn boek geen klassenanalyse, wel schrijft hij vanuit een klassestandpunt: die van de heersende klasse in de VS die maar één doel heeft: het voortbestaan van de Amerikaanse wereldoverheersing. Hij schetst de strategische doelstellingen van het Amerikaanse imperialisme dat tot op heden onze planeet dirigeert. Daarom is dit boek bijzonder interessant. Brzezinski bekijkt de staten als gehelen. Het kapitalistische of socialistische systeem heeft in zijn visie geen enkel belang. Alles wordt gezien door de 'nationale' bril.
Waarom is er oorlog?
Omdat het kapitalistisch systeem niet anders kan dan leiden tot tegenstellingen die op zich weer tot oorlog leiden. Alle schijnargumenten zoals mensenrechten, humanitaire acties, het bestrijden van 'onmensen' zoals Milosovic, Sadam Hoessein, Kadaffi, etc. moeten naar het rijk der fabelen verwezen worden. Wanneer er dictators aan de macht zijn die het imperialisme op haar wenken bedienen, komen dit soort argumenten, die dan wel echte argumenten zouden zijn, zelden ter sprake. Wie heeft bijvoorbeeld Suharto of Pinochet voor het Internationaal Tribunaal gedaagd? Oorlog wordt gevoerd vanuit kapitalistische economische belangen. Imperialisme is oorlog! En niet anders!