NAVO-generaal Naumann: het gaat om de vrije markt
Van redactie buitenland
Onlangs zei de Duitse generaal Klaus Naumann, voorzitter van de militaire commissie van de NAVO, dat de politici hun mond moesten houden over de militaire actie in Kosovo. Iedere twijfel over de actie moesten ze vermijden. "Ik ben er niet gelukkig mee dat sommige leiders van het bondgenootschap president Slobodan Milosevic garanties geven dat sommige dingen niet zullen gebeuren, zodat hij een schaakspel met ons kan spelen", zei hij.
"Iedereen", zo hield hij zijn toehoorders tijdens een conferentie in Londen ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan van de NAVO voor, "moet er zeker van zijn dat wie ook maar een wapen opheft tegen de NAVO het op de lange termijn niet goed zal maken".
Het was niet de eerste keer dat Naumann met gespierde taal de doelstelling van de West-Europese militaire machine, en in het bijzonder de Duitse rol daarin, duidelijk maakte.
Tegenover het Duitse weekblad Der Spiegel verklaarde hij in mei 1995: "De Duitse troepen zullen ingezet worden voor het handhaven van de vrije markt en toegang, zonder belemmering, tot de grondstoffen van de gehele wereld." In hetzelfde nummer van Der Spiegel deed de toenmalige Duitse minister van Defensie Volker Ruhe zijn bekende uitspraak dat "oorlog weer een wijze van politiek is geworden".
Dit militarisme werd gedeeld door de toenmalige kanselier Helmut Kohl, die Naumann naar voren had geschoven als de belangrijkste militaire bevelhebber van het verenigde Duitsland.
Eén van de eerste daden van Naumann als Duits bevelhebber was de instructie dat de oorlogsgraven van Duitse soldaten uit de Tweede Wereldoorlog, ook in Oost-Europa, zouden worden voorzien van hun rang, inclusief hun onderscheidingen zoals het ijzeren kruis en de beruchte SS-onderscheidingen. Toen de Hongaarse regering hiertegen bezwaren maakte, verklaarde hij: "die Oost-Europese staten die bezwaren hebben moet de duimschroeven worden aangedraaid, want ze zijn voor grootschalige economische steun van ons afhankelijk."Naumanns benadering kan men zien in Joegoslavië. De oorlog tegen dit land was in de eerste plaats bedoeld om de westerse militaire en economische overheersing in dit deel van Europa te versterken. Tekenend is zijn opmerking dat de bommencampagne tegen Joegoslavië werd verzwakt door het vermijden van burgerslachtoffers: "Ik denk dat de luchtactie goed verloopt, maar daarbij moet je bedenken dat we te maken hebben met voorwaarden die we moeten opvolgen, die in zekere mate het effect van de actie verzwakken... Vooral moeten we 'collateral damage' vermijden", zei hij. Die bewering kwam nadat de regering in Belgrado had verklaard dat er 1200 burgerslachtoffers waren gevallen.