NGO's als imperialistisch breekijzer

Door Hans de Ruijter

Op 1 en 2 juli vindt in Parijs de internationale conferentie "Beschermen van mensen in tijden van oorlog" plaats. Deelnemers aan de conferentie zijn onder meer NGO's (non-governmental organisations) als Artsen zonder Grenzen, Médecins du Monde, Amnesty International, het Internationale Rode Kruis en CARE. Daarnaast zullen 'illustere' persoonlijkheden als Hilary Clinton, Tony Blair, Gerhard Schröder en Jacques Chirac hun steentje bijdragen aan de conferentie die voorts wordt bijgewoond door Kofi Annan en de staatshoofden van Polen, Jordanië, Zuid-Korea, Brazilië, Zuid-Afrika, Nigeria, enz. Slechts drie maanden en een week na het begin van de NAVO-agressieoorlog tegen Joegoslavië zal dit gezelschap zich buigen over de mensenrechten in tijden van oorlog onder toeziend oog van westerse media als CNN, International Herald Tribune en Le Monde.

Twee passages in het conferentiedocument (30-4-99, de oorlog in Joegoslavië was toen nog in volle gang) maken duidelijk hoe men 'humanitaire' argumenten wil gaan hanteren om het recht op soevereiniteit van nationale staten te ondermijnen. Dit recht zelf wordt in het document zelfs nadrukkelijk ter discussie gesteld en beschreven als een obstakel. Door dit te doen stellen de NGO's zich - bewust of onbewust - op aan de zijde van de NAVO-agressie tegen Joegoslavië en andere landen in de toekomst. De kern van die agressie was immers het schenden van tal van internationale rechtsregels, waaronder in de eerste plaats het recht op soevereiniteit van de Federale Republiek Joegoslavië.
"Het recht om te interveniëren heeft voor alles de hoop gegeven dat het uiteindelijk mogelijk is om een onderscheid te maken tussen een 'humanitaire' interventie en een 'politiek-diplomatieke' interventie (in gewoon Nederlands: een militaire interventie, red.)."
"De moeilijkste hindernis die moet worden genomen is het principe van staatssoevereiniteit, waarop het internationale recht is gebaseerd. (...) In feite, het echte obstakel is het recht zelf; het soevereiniteitsrecht geeft staten het recht om het internationaal recht niet toe te passen, en het legitimeert zelfs hun in gebreke blijven hierbij."

Het recht van staten op soevereiniteit en territoriale integriteit, zoals die zijn vastgelegd in het Handvest van de VN, de Slotakte van Helsinki en andere internationale verdragen, werd door de NAVO openlijk geschonden bij haar agressie tegen Joegoslavië, om te beginnen met het zogenaamde 'akkoord' van Rambouillet. Door dit recht op hun conferentie ter discussie te stellen, zijn de NGO's de NAVO in feite behulpzaam: wil men voorkomen dat de NAVO het internationaal recht schendt, dan moet dit recht worden aangepast overeenkomstig de wensen van de grootmachten is hun boodschap.
De oorlog tegen Joegoslavië heeft duidelijk gemaakt dat het uiterst misleidend is om een onderscheid te maken tussen 'humanitaire' en een 'politiek-diplomatiek-militaire' interventie. Die NAVO-aanval was niet meer dan een imperialistische daad, gehuld in een 'humanitair' jasje, die gepaard ging met grove misdaden tegen de Joegoslavische bevolking. De resultaten van die agressie maken dat duidelijk: duizenden doden en gewonden, ruim 700.000 vluchtelingen, een miljoen mensen zonder werk, enorme materiële en milieuschade en miljarden die besteed zijn aan de oorlogsvoering. Die miljarden, die uiteindelijk zullen moeten worden betaald door de werkende bevolking in de oorlogsvoerende landen, zouden genoeg zijn om voor een jaar de extreme armoede in Afrika of Latijns Amerika te bestrijden. De 'humanitaire' NAVO-interventie heeft een beperkt, lokaal conflict veranderd in een internationale ramp met grote gevolgen voor de hele regio. De oorlog had dan ook niets met mensenrechten e.d. te maken maar betekende de onderschikking van de levens van miljoenen mensen aan de belangen van de multinationals uit de NAVO-landen.

Bron: Anti-imperialistische Bond


Tegen 'humanitaire' interventie

De Belgische organisatie Anti-imperialistische Bond heeft de volgende petitie opgesteld gericht aan NGO's en de conferentie in Parijs.

De ondergetekende verwerpt de belangrijkste doelstelling van de Parijse conferentie van 2 en 3 juli 1999 over het 'Beschermen van mensen in tijden van oorlog'. Deze doelstelling is het ondergeschikt maken van de staatssoevereiniteit aan het zogenaamde 'humanitaire' recht om te interveniëren. De geschiedenis heeft getoond dat dit recht om te interveniëren het recht van de imperialistische grootmachten is om hun dictaten, overeenkomstig hun belangen, aan de staten die zij onderdrukken op te leggen.
Ondergetekende roept de NGO's op om niet te vallen voor de manoeuvres van de NAVO-grootmachten en dringt bij hen erop aan de Parijse conferentie te boycotten en haar ware bedoelingen openlijk aan de kaak te stellen.

Organisatie:
Naam:
Positie:
Adres:
Postcode en plaats:
Land:
Tel.: Fax:
E-mail:
Website:

(Aangeven of men namens een organisatie tekent of niet)

Anti-Imperialistische Bond, Kazernestraat 68, 1000 Brussel, België (tel: +32 25135386, fax: +32 25139831, e-mail: lai@ptb.be, website: http://www.ptb.be/paix). Ondertekende petities kunnen naar dit adres worden geretourneerd.